Geschiedenis

Geschiedenis

Bij het oprichten van “Mees Toxopeus Waterscouts” was Mees Toxopeus zelf nog in leven. Hij gaf op ons verzoek graag zijn naam aan onze waterscouts. Met trots dragen we dan ook de naam “Mezen”, alom gebruikt om de leden te betitelen. Lees hier meer over Mees Toxopeus.

Zie ook de geschiedenis van scouting in de wereld.
Klik hier voor een leuk stukje geschiedenis over de Jamboree van 1937.
Zie hier de geschiedenis van de Wet en Belofte zoals deze nog vaak bij scouting gebruikt wordt.

Scouting

Juist in deze moderne tijden klinkt het woord “scouting” wat ouderwets in de oren. Was dat niet iets met padvinders? Ja en nee. Dat wás iets met padvinders. Tegenwoordig is het allemaal veel meer op de wereld van alledag toegespitst. Het klassieke vlaghijsen bijvoorbeeld hoort als traditie nog bij veel verenigingen, maar is allang van de voorgrond verdwenen om de veeleisende jeugd aan een leuke vrijetijdsbesteding te helpen.

Oprichting

In 1962 werd voor het eerst gesproken over de oprichting van een zeeverkennersgroep in Beverwijk. Betrokkenen uit de Doopsgezinde Gemeente hadden het plan vormgegeven en op 19 september 1963 werd “Stichting ter belangenbehartiging van zeeverkennersgroep Mees Toxopeus” in geschreven bij de Kamer van Koophandel. Zeeverkennersgroep Mees Toxopeus maakt deel uit van de Elfregi-federatie, die groepen onderling bindt.

In 1963 vroeg het bestuur van de Stichting ter belangenbehartiging van de Zeeverkennersvereniging per brief toestemming aan Mees zelf om zijn naam te gebruiken. Mees antwoordde graag met “ja”. De brief is half verbrand, maar toch gered en als openingsgeschenk geplastificeerd namens de senioren aan het bestuur aangeboden op 17 voember 2001, de dag dat Mezennest III het licht zag. Maar nu lopen we wat vooruit.

Onderkomen

Er was nog geen onderkomen voor de eerste leden. Aan de Dennenlaan in Beverwijk mochten opkomsten gehouden worden in een klein aanbouwtje onderaan de flat. De Mezen hebben ook nog tijdelijk hun winterverblijf gehad op de zolder van een school in Beverwijk. Het was groot feest toen de Beverwijkse bakker “Klees” zijn noodwinkel voor een gulden van de hand deed zodat er een echt troephuis ontstond. Dit was gesitueerd langs het hek van de begraafplaats, vlak bij de Die Wijcker Duinjaghers, een landverkennersgroep.

INGEZONDEN VERHAAL Jaap Bethe (lid uit 1964-1970) schrijft ons: Is nog eens heel wat anders dan zo’n 30-32 jaar terug. We moesten het toen met heel wat minder doen zeker in de winter. We hebben eerst in de duinen tussen Beverwijk en Wijk aan Zee in een soort vochtige oude bunker (of iets wat daar veel van weg had) gezeten. Toen had de Mees nog geen eigen boten. Kun je je toch niet voorstellen, “zeeverkenners” zonder boot. Was wel knus bij een houtkachel die af en toe echt roodgloeiend werd gestookt. In die periode gingen we zo nu en dan zeilen in geleende vletten. Zomerkamp werd gehouden bij een boer ook aan de Stierop (vlakbij de Wijde Stierop). We kampeerden op een graslandje voor de dijk. Als er een beetje groot binneschip was langsgekomen stond je tent daarna onder water. Schipper was (of werd in die tijd) Dhr. Scholten. Hij werkte volgens mij bij de P.E.N (electriciteitsbedrijf). Hij heeft in mijn belevenis heel veel gedaan voor De Mees. Onder zijn leiding kregen wij al snel 3 lelievletten; voor elke bak een. Ook in die tijd (ik vermoed zo ongeveer 1965) kwam de boerderij op de Stierop in beeld. We hebben daar samen met een groep uit Krommenie en ik geloof ook De Victorie uit Heiloo heel wat werk verzet. Veel geld was er niet. Hout om de kantine te maken kregen we van Bruynzeel maar dat moesten we met de vletten ophalen uit Zaandam. De vlaggenmast en nog vele andere zaken werd door Scholten “geregeld” via de P.E.N.. Het was een verschrikkelijke vooruitgang. Eindelijk konden we de zeilen uithangen en achterlaten evenals de tenten en andere kampeerbenodigdheden. Als het maar even kon waren we zomers “op de Stierop”. Oh ja, de boten werden toendertijd geschilderd ergens langs de weg naar Buitenhuis bij een paardenstal.Hier foto’s bij de verhalen van Jaap Bethe.

Het bestuur van de Mezen is samen met scoutinggroepen uit de Zaanstreek begonnen om de boerderij op de Stierop voor scoutinggebruik geschikt te maken. De wc bestond toen nog uit een hokje boven de sloot. Ondertussen werd het zomerkamp gehouden (waarschijnlijk met geleende boten) verderop langs de Stierop vlakbij de Wijde Stierop.

Het is inmiddels 1977. Na jaren dit gebouw gebruikt te hebben begon de tijd (en de muizen) te knagen aan het noodgebouwtje. Een nieuw clubhuisje werd gevonden op de plaats waar nu het botenhuis staat. Door de aanwas van nieuwe leden was dit gebouw al snel te klein. Plannen werden gemaakt voor het “Grote Troephuis”, zoals het al werd genoemd. Ron Kornman, junior èn senior, Henk Baan en de verse leiding waren in de ban van het Grote Troephuis.

INGEZONDEN VERHAAL Leo van de Runstraat (oud-lid) stuurde ons het volgende in 2008:Eind 1963 was ik voortrekker (= loods bij landverkenners) bij de M’Hala Panzi groep, en werd door de toenmalige schipper Ton Botter gevraagd om te komen helpen bij de Mees Toxopeus Zeeverkenners. De eerste zaterdagmiddag trof ik bij de voormalige stamhut van de Die Wijcker Duinjagers (nu Corus terrein) een aantal jongens aan. Na een half uur vroeg ik wat de bedoeling was, maar dat wist niemand.

Zo zijn we maar begonnen. Ton Botter heb ik verder weinig gezien. Mijn ‘land’ ervaring kwam wel te pas want boten waren er nog lang niet. Na enige tijd kwam Schipper Scholten en begon er een beetje structuur in de groep te komen. Pas na twee zomerkampen in geleende boten kwam in 1966 de eerste vlet, de schuur en schildersessies in een loods naast de paardenstal in de Meerpolder. De eerste vaart over het Noordzeekanaal heb ik nog meegemaakt, naar de Stierop. Kort daarna verruilde ik de vlet voor een zeeschip en voer als werktuigkundige over iets grotere wateren dan het Uitgeestermeer.

Hier staan de bijbehorende foto’s uit het verre verleden.

aanmonstering.jpg (65731 bytes)

Het grote troephuis kwam er in 1980 na veel touwtrekken met de lokale overheden in Beverwijk. De welpen en zeeverkenners hadden hun eigen grote lokaal, een keuken en douches waren de trots van de vereniging. Er kwam later een CV-installatie in. De zeeverkenners hadden hun eigen houtkachel gemaakt van een dikwandige oliedrum met aan de voorkant een luikje, die naast warmte ook veel rook gaf. Marc Lammertink heeft ooit tegen de rook in geknipoogd door het kleine gaatje. In 1985 werd de Lunettenstam opgericht, die het vorige clubhuisje als onderkomen kreeg.

INGEZONDEN VERHAAL Hans Boogaard (oud-lid ) schrijft ons oude verhalen. Het is zoveel dat we hier een aparte pagina voor hebben gereserveerd. Klik hier voor deze verhalen.

Dan was er de brand in 1986. Onverlaten of zelfs criminelen hadden een bestelbusje met brandbaar materiaal tegen het houten gebouw gereden en aangestoken, op het moment dat het beruchte “scoutsoft” (computerweekend voor scouts) ten einde was. Toen de eerste verslagenheid van het verlies langzaam was weggeëbd, kwam er plaats voor nieuwe plannen. Een nieuw gebouw, iets meer luxe (warm water en een houten vloer). In 1988 was het Nieuwe Troephuis een feit. Trots liet men aan iedereen de open haard en garage/berging zien, en werd meteen ook het 25 jarig jubileum van de groep gevierd. Jarenlang was dit gebouw “’t Mezennest” het onderkomen van de huidige leden.

 

INGEZONDEN VERHAAL Eric Bakker (oud-lid ) schreef ons dit:Ik ben ergens in de periode ik schat 1975..1979 lid geweest van de welpen. Wij zaten in het oude gebouw op het veld ongeveer 100 meter bij de verkenners vandaan. Als ik de foto’s zie was het dat groene gebouw voordat de nieuwbouw kwam, Daar was sprake van toen ik lid was. De verkenners zaten dus apart in een gebouw, en tussen ons in zat een andere padvindersgroep.

In die periode zijn we in Bilthoven geweest en in ik meen Bussum of Laren. Er was daar een natuurbad (groen water). Je moest over de week heen opdrachten uitvoeren zoals eigen bestek maken van hout. Daar kreeg je een lintje voor dat je aan een stokje vast maakte. Als je alle opdrachten redde dan kreeg je een extra oorkonde. En halverwege de week kwam er post van pa en moe. De fietsen werden met een aanhanger gebracht.

In Bussum hebben we de krant nog gehaald omdat mijn groepje, onder leiding van Chil, die vogel had zij als naam. Ze woonde in het huis dat als eerste op de hoek staat na de muziekschool van Beverwijk.

Wij zijn toen verschrikkelijk verdwaald tijdens onze dropping, en kwamen half in de nacht ergens op de hei een journalist toevallig tegen die ons op weg geholpen heeft door ons naar het padvindergebouw te brengen en een ludiek stukje in de krant schreef.

Akela kwam uit Heemskerk en die haalde me toen altijd op. Mijn beste vriend toen heette Bart Meertens (zoon van de toenmalige kinderarts van het ziekenhuis in Heemskerk), die zat ook bij ons. Ik ben vrij snel gids geworden van een groep en ben drie keer op kamp geweest. We hadden als leiding nog een hopman die ik meen Baloe heette en Chil en Akela. Baloe was zoon van ik meen de bloemist die in Beverwijk zat.

Ik heb nog een foto van mijn installatie. Je werd helemaal officieel als welp geïnstalleerd. Je moest een spreuk uit je hoofdleren: Akela. Ik beloof mijn best en plicht te zullen doen tegen over god en mijn land, de wet van de welpenhorde te gehoorzamen en elke dag een goede daad te doen. Kleding moest in Amsterdam gekocht worden. Groen overhemd, 3/4 bruine ribbroek, en een das van de Mees Toxopeus groep. Je kreeg een multomap met een welpenomslag en daar hield je je vorderingen en daden in bij. Ik heb die nog. Dat was een soort voorloper van een weblog (-:

We speelden heel vaak levend Stratego bij het open veld bij de hekken van Hoogovens. Bij aanvang van de dag werd de vlag gehesen. Het was altijd een gevecht wie naar boven mocht klimmen om het touwtje door het oogje te halen. Dan werd er een groep (wolvenhorde) aangewezen die “dienst” had. Iedereen verstopte zich en dan op een fluitje rende iedereen naar de kring bij de vlaggenmast. De gids van de dienstdoende horde riep: Akela, wij doen ons best. Wij djb djb djb djb. Wij dob dob dob dob… woef! En bij woef deed je je hand en je ben naar voren. Bij het roepen van djb deed je je handen aan je oren met twee opgestoken vingers per hand (als een soort wolvenoren) en bij dob dob dob deed iedereen mee.

Leuk was het altijd om een kampvuur te maken en brood op een stok te bakken.

In ik meen 1976 begon het aan het eind van de zaterdag te regenen en vriezen. Rijden was onmogelijk. Mijn vader is mij lopend uit Heemskerk komen ophalen en we zijn lopend weer naar huis gegaan. Dat weekend kon je de hele tijd op straat schaatsen.

Het was in 1991 dat de loodsen van de Lunettenstam aangaven dat hun onderkomen te slecht was geworden, waarna zij de bouwkeet mochten verbouwen, die gebruikt was voor het bouwen van het Mezennest. Hun oude keet (ooit troephuis voor allen) werd gesloopt.

Geschiedenis van de Lunettenstam

De Lunettenstam is opgericht op 5 juni 1985.

De vier oudste (toen nog) zeeverkenners (Arjan van Dorland, Ard Huttinga, Arjan Beentjes en Frans Huisman) wilden destijds meer onafhankelijkheid en zeggenschap, en waren intussen 16 jaar geworden. Hun tijd bij de zeeverkenners (nu “waterscouts”) zat erop. Ze gaven zelf aan verder met scouting te willen.

De toenmalige leiding had twijfels over de haalbaarheid van het idee om de jongeren in een stam (loodsen) onder te brengen. Na veel discussies is er toch besloten een stam op te richten (dat is een speltak voor jongeren vanaf 16 jaar). Door hulp van mensen binnen de groep (Roald Docter) en buiten de groep (Fred Kemeling) is de Lunettenstam ontstaan. Zij hebben inmiddels een groot stempel gedrukt op zowel de groep als de Stierop. Hans Beliën was de eerste die “overvloog” van zeeverkenners naar Loodsen.

De naam “Lunettenstam” komt voort uit het (oorspronkelijk Franse) woord “lunet”, dat gebruikt wordt om een half-open verdedigingsfort aan te duiden. Deze lunetten zijn te vinden rond Beverwijk. Deze Lunetten maakten deel uit van de een hele linie lunetten, die de bevolking zou moeten beschermen tegen invallen van buitenaf.

De bescherming en het toch open karakter van deze forten gaf inspiratie om de naam Lunettenstam te gebruiken. Vanaf die tijd is de Lunettenstam gegroeid tot een groep jongeren, bekend om hun creativiteit, graagte om te feesten en bereidheid zich in te zetten voor anderen, binnen en buiten de vereniging. Vooral het samenkomen in opkomsten met min of meer vaste harde kern heeft voor veel leden iets belangrijks in hun jeugd betekend. Nog altijd komen oud-leden langs (wie is dat?) om te kijken of de sfeer van “toen” er nog is.

In 1999 werd het botenhuis “de Watermees” gebouwd. Eindelijk konden de boten ondergebracht worden in een degelijke ruimte, zodat de waterscouts en loodsen hun boten (zie Vloot) goed konden onderhouden.

De “Bobo’s” van de Insulindestam

De Insulindestam is opgericht op 1 augustus 1992. De Insulindestam is opgericht door de oudere stamleden van de Lunettenstam. De Insulindestam (Bobo’s) zijn de senior-stamleden. Van Jan Boon, de voorzitter destijds, kregen alle leden een pul aan een ketting. Alleen hij had de sleutel. Nieuwe leden brachten hun pul mee en mochten in de ketting komen. Jan had speciaal bier laten brouwen voor de leden. Zie hiernaast het etiket.bobpilsener.jpg (41823 bytes)

De Insulindestam heeft haar naam te danken aan de reddingsboot van Mees Toxopeus. Lees hier meer over de Insulinde.

De Bobo’s zijn leden van de Insulindestam. ’s Winters hebben ze meestal op vrijdag opkomst in hun onderkomen “de Pimpelmees”. Vaak zijn er dan ook loodsen van de Lunettenstam te vinden. ’s Zomers is er opkomst op Scoutingcentrum “de Stierop”. De opkomsten zijn duidelijk minder frequent dan die van de Lunettenstam, aangezien deze Bobo’s vaak op andere vlakken verplichtingen hebben. Je zou je Insulindestam kunnen zien als een groep mensen, die nog lang niet weg willen bij de vereniging, maar ook niet elke week verplicht opkomst willen hebben.

De Bobo’s werken nauw samen met de loodsen van de Lunettenstam. Samen organiseren zij regelmatig de beruchte Survival. Een dergelijke tocht duurt drie dagen, voert door heel Nederland en staat garant voor veel plezier, afzien en verrassingen. Een ander voorbeeld van zeer geslaagde samenwerking is LoBoPoKa, loodsen-bobo-ponton-kamp.

De vaste activiteiten die de Insulindestamleden graag zien terugkomen zijn: het jaarlijkse novemberfeest (de zaterdag die het dichtst bij 11 november ligt), de muziekavond (waarbij ze hun eigen CD opnemen) en  het zomer- en winterkamp.

Zoals ook de Lunettenstam is ontstaan uit te-oud-geworden-zeeverkenners, is de Insulindestam ontstaan uit een groep loodsen van de Lunettenstam, die zich desgevraagd afgesplitst hebben van de rest.

De jongsten van de Lunettenstam zagen steeds meer dat hun actieve instelling niet goed overeenkwam met de wat minder actieve oudere leden. Zij gaven aan een Wilde Vaart af te splitsen. Een ander idee gaf de doorslag. Niet de jongeren, maar de ouderen afsplitsen! Zo is de Insulindestam ontstaan.

De naam “Insulindestam” is afgeleid van de reddingsboot van de redder Mees Toxopeus, die faam verwierf met zijn reddingsacties op zee.

Twee van de oprichters Alexander Verwey en Kees Wesselius namen op het novemberfeest 2002 afscheid. Die waren nu echt te oud. Kees spaart nu postzegels en Alex schildert eierdopjes.

Weer brand

Tijdens het zomerkamp van de Lunettenstam en Insulindestam in 1999 (zie LoBoPoKa), kwam op de terugtocht het trieste bericht dat het troephuis is afgebrand. Varend op het Noordzeekanaal werden de stamleden overvallen door dit bericht. Toch waren er al snel plannen voor een nieuw onderkomen, maar dan van steen!

Zomerkampen

Voor zover we konden nagaan, waren de volgende zomerkampen gehouden:

JaarDolfijnen/welpenZeeverkennersLoodsenBobo’s
1963??
1964?Kampen (op de fiets via Enkhuizen-Urk!)
1965Apeldoorn1965 Stierop (1 boerderij verder dan de huidige scouting boerderij)
1966??
1967??
1968??
1969??
1970??
1971??
1972??
1973?Westeinderplassen
1974?Westeinder, Brasemermeer, Kagerplassen
1975?Kagerplassen
1976?NaWaKa, Vinkeveen––
1977?Friesland, Terhorne––
1978?Kagerplassen––
1979?Kagerplassen––
1980?NaWaKa, Vinkeveen––
1981?Kagerplassen––
1982?Kagerplassen––
1983?Kagerplassen––
1984?Kagerplassen––
1985?NaWaKa, VinkeveenNaWaKa, Vinkeveen–
1986?KagerplassenLoenen a/d Vecht(1)–
1987LarenKagerplassenKagerplassen–
1988ZeistWesteinderplassenVinkeveen–
1989LarenNaWaKa, RoermondNaWaKa, Roermond–
1990?KagerplassenBrugge (1)–
1991CastricumTerhorneBrugge(2)–
1992?NaWaKa, RoermondNaWaKa, Roermond–
1993ZeistKagerplassenRandmeren–
1994?Reeuwijkse plassenFrieslandFriesland, sleper KMK
1995?KagerplassenWereld Jamboree, StieropDenemarken
1996?LoosdrechtFriesland, met de BMWiltz
1997?NaWaKa, RoermondNaWaKa, RoermondNaWaKa, Roermond
1998MuidenTerhorneZwartsluisFrankfurt / Wiltz
1999ZeistKagerplassenLoBoPoKa, FrieslandLoBoPoKa, Friesland
2000HuizenWesteinderplassenWiltz Stierop 2000Wiltz Stierop 2000
2001?Kagerplassen–Frankrijk
2002?NaWaKaNaWaKaNaWaKa
2003????
2004????
2005????
2006?NaWaKa, Arnhem––
2007Amersfoort???
2008Hoorn???
2009Muiden???
2010JubJam 100 RoermondJubJam 100 Roermond??
2011HoornFriesland (toer)??
2012HilversumKagerplassenWiltz StieropWiltz Stierop
2013AlkmaarKagerplassen (Boterhuiseiland)Stieropka (Friesland)Stieropka (Friesland)
2014NaWaKa, RoermondNaWaKa, Roermond?NaWaKa, Roermond
2015ZandvoortKagerplassenSAIL AmsterdamSAIL Amsterdam
2016AmstelveenAmstelveen–Oostende
2017MuidenKagerplassen HoPlaKaHoPlaKa

Nieuw troephuis, Mezennest III

Op zaterdag 26 november 2001 werd het Mezennest III geopend. Eindelijk was er weer een fatsoenlijk gebouw voor de waterscouts en welpen. De eerste plannen voor het verbouwen van de noodkeet voor de Lunettenstam en Insulindestam werden gemaakt.

   De opening van het Mezennest III staat in de krant. Lees het hier (klik op het logo van het Noordhollands Dagblad)!

Verbouwing Pimpelmees III

In de nazomer van 2001 werd de knoop doorgehakt. Gaan we de houten noodkeet slopen en een stenen “loodsenhok” neerzetten, of houden we de keet, verbouwen hem grondig en gaan hier mee verder? Het werd de laatste optie. Het was een beetje lastig iedereen te overtuigen, maar de cyclus van vergunningen, financiën en planning was zo onaantrekkelijk dat de keuze uitviel voor: meteen aan de slag. Tijdens het novemberfeest moeten de gasten al ontvangen kunnen worden. Dat is net gelukt, de verf was nog nat.

Nieuwbouw Pimpelmees IV

In 2011, 10 jaar na de verbouwing van de houten noodkeet, blijkt deze verrot te zijn. We wisten bij het neerzetten van de oude bouwkeet in 1999 dat deze al niet te best was. In 2013 was dit gebouw ook nodig aan vervanging toe en in de plaats daarvan kwam een modern stenen gebouw met alles erop en eraan. Tijdens het 50-jarig jubileum werd dit gebouw feestelijk geopend op 9-11-13.